Skip to main content

Wet Eindtoets

Vz,

Vandaag behandelen we een wijziging van een aantal onderwijswetten ter verbetering van de zogenaamde kansengelijkheid van leerlingen. Dit wetsvoorstel richt zich op de doorstroom van primair onderwijs naar voortgezet onderwijs en het stelsel van toetsen in het po. Het wetsvoorstel wil huidige knelpunten wegnemen in de procedure en het tijdpad bij de schooladvisering, de toetsafname en de overgang van het po naar het vo. Knelpunten voorzitter, die er nooit zouden zijn geweest als we de onvolprezen Cito-toets met rust hadden gelaten en een duidelijk eindniveau van het basisonderwijs hadden ingesteld. Dat is waar wij tien jaar voor gestreden hebben.

Vz, vandaag slaan we de laatste nagel in de doodskist van de Centrale Eindtoets. Want om onverklaarbare redenen zullen we niet meer spreken over de eindtoets, maar over de prestatie-neutrale ‘doorstroomtoets’. In de Memorie van Toelichting wordt de suggestie gewekt dat de naam van de ‘eindtoets’ onbedoeld de indruk kan wekken dat dit het einde van de doorlopende leerlijn markeert. Ook zou dit leiden tot extra prestatiedruk. Dit is een frame van een zeer bedenkelijk niveau. Wie gelooft deze onzin? Het is niets dan semantiek. Dit soort denken nodigt uit tot slachtofferschap. Want hoe je het ook wendt of keert, de toets blijft het einde markeren van je tijd op de basisschool. Ook de druk om te presteren blijft, want ieder kind wil de eindtoets of ‘doorstroomtoets’ zo goed mogelijk maken en zo hoort het voorzitter. Onderwijs IS presteren, determineren en ja, ook discrimineren, discrimineren in de zin van onderscheid maken. En daarna verheffen en emanciperen.

Vz, tijdens het AO Eindtoets PO en overgang PO en VO van juni 2019 hebben wij onze zorgen geuit over het advies van de Groep Educatieve Uitgeverijen om een einde te maken aan de uitzonderingspositie van de Centrale Eindtoets. Deze uitgeverij betoogde toen zelfs dat het falen van de Expertgroep Toetsen PO, waardoor 11% van het totaal aantal leerlingen een onjuist toetsadvies kreeg, kwam door de uitzonderingspositie van het CITO. We zijn twee jaar verder en de wens van de Groep Educatieve Uitgeverijen is wet geworden.
Wij breken vandaag dus de Centrale Eindtoets definitief af. Voorzitter, mijn vraag daarbij is: hoe is het mogelijk dat een willekeurige uitgeverij van schoolboeken en toetsen zoveel invloed heeft op het departement, op de bewindslieden en op de vaste Kamercommissie OCW dat ze deze wens, die commercieel is ingestoken, in een paar jaar bewerkstelligd krijgen? Mijn tip aan de onderwijsjournalistiek zou zijn: duik hierin en follow the money.
Nu zitten we hier met een nieuwe vaste Kamercommissie, met nieuwe woordvoerders die geen of nauwelijks kennis hebben van onderwijs en over geen enkel geheugen beschikken over het voortraject waarin het aanbrengen van een eindnorm van het basisonderwijs (die er niet is) definitief de nek om te draaien. En mijn inschatting is dat alle belanghebbenden die een uniform eindniveau van het onderwijs per se niet wilden –en daarmee het vo voor bijna onoplosbare problemen stelt, vooral het vmbo- gewacht hebben op dit moment dat het kabinet demissionair is en er een groene commissie is aangetreden om dit heilloze besluit erdoorheen te jagen. Het gaat hier om een besluit dat bij intreding niet meer is terug te draaien.

Vz, wij zijn altijd een groot voorstander geweest van het verplichte karakter van de eindtoets. De ondergewaardeerde Cito-toets gaf het vervolgonderwijs, de kinderen en de ouders een objectieve inkijk in de ontwikkeling van de leerling na 8 jaar primair onderwijs. De PVV had en heeft geen enkel bezwaar tegen de Cito-toets, maar wij moesten weer zo nodig iets dat decennia aantoonbaar gewerkt heeft, wat evidence based was, we moesten het weer aanpassen. Want wat lost dit wetsvoorstel nou eigenlijk op?
Het is alleen maar chaotischer geworden, onoverzichtelijker geworden. Het is het resultaat van de onverbeterlijke nivelleringsdrang om leerlingen vooral niet van elkaar te onderscheiden, verpakt in dat weeë sausje van zogenaamde prestatiedwang en de gekwetstheid die daarbij zou horen. Dat resulteert er nu in dat er niet alleen geen hard eindniveau van het basisonderwijs is, maar dat de uiteindelijke determinatie van de leerling zelfs vooruitgeschoven wordt, als een hete aardappel, naar het voorgezet onderwijs in de vorm van dat onzalige middenschoolexperiment waartoe eigenlijk al besloten is. Vooral niet determineren, vooral geen onderscheid maken tot 14-15-jarige leeftijd, waarna de praktische vmbo’ers geen tijd meer hebben om een vak te leren en de potentiele gymnasiasten zich drie jaar lang hebben rotverveeld en hebben moeten overleven in een hun vijandige omgeving, zowel geestelijk als fysiek. Dat is het grote plaatje dat hiermee bewerkstelligd is. Stichting Cito is nu verworden tot een impotente club die slechts nog mag komen opdraven om de ‘psychometrische’’ en ‘onderwijskundige’ expertise te delen met de CvTE bij de besluitvorming rond het toelaten van LVS-toetsen en eindtoetsen, pardon doorstroomtoetsen. Terwijl de stichting CITO al sinds 1968 daar op adequate wijze zorg voor heeft gedragen.

Vz, de RvS stelt naar onze mening terecht dat de problemen voor leerlingen met een bijgesteld advies in zekere zin overdreven worden. Het gaat hier slechts om ongeveer 1%. Ook vraagt de RvS zich af in hoeverre dit te maken heeft met kansenongelijkheid en of dit niet gewoon een kwestie van domme pech is. Bij 1% is het lastig te stellen dat dit een veelvoorkomend probleem is waar kansenongelijkheid aan ten grondslag ligt. Bovendien is het wel een enorme demonstratie van onmacht van de politiek om een tekort aan populaire vo-scholen niet adequaat op te pakken en te zorgen dat er meer populaire vo-scholen komen, maar het in plaats daarvan te leggen op het bordje van de zogenaamde kansenongelijkheid. Kansenongelijkheid, een lege politieke term die nu al gemunt is door de linkse partijen onder regie van D66. Een term die niets verklaart, die niets oplost.

Vz, een aantal partijen waaronder de PO-Raad, onze vrienden van de Onderwijsraad en het CPB, toch niet de minsten, pleiten er terecht voor dat de eindtoets weer voorafgaand aan het schooladvies af te nemen. Zo voorkom je onbewuste vooroordelen waar vooral meisjes en allochtonen veel last van hebben. Wij hebben hier jaren voor gestreden en zijn blij dat de bonden eindelijk achter ons staan, maar dat zullen ze toch nooit toegeven, want iedereen doet mee, behalve de PVV.

Vz, ik ga afronden. De PVV-fractie erkent haar verlies. Tien jaar strijd om een hard eindniveau van het basisonderwijs te bewerkstelligen, tien jaar strijd om de aloude Cito-toets te behouden, heeft er alleen maar in geresulteerd dat er geen harde knip meer is tussen het po en vo, dat de eindtoets wordt gedegradeerd tot een vaag doorstroomadvies, zogenaamd in het kader van doorlopende groei waarbij het moment van de waarheid vooruitgeschoven wordt naar 14 -15-jarige leeftijd. Uitstel van executie dus.
Deze wet is contra alles waar wij tien jaar voor gepleit hebben en zal meer chaos en onduidelijkheid opleveren dan wij ooit voor mogelijk hebben gehouden. Wij zullen dan ook tegen deze wet stemmen.