Nederland weer van ons

 

 

Meneer de President, leden van de Rechtbank,

Al meer dan elf jaar leef ik onder doodsbedreigingen. Elke dag word ik daaraan herinnerd. Ook vandaag. Ik werd vanochtend hierheen gereden in een konvooi gepantserde wagens, met sirenes, zwaailichten, omringd door persoonsbeveiligers. En niet alleen vandaag maar elke dag.
Op dezelfde manier word ik dadelijk ook naar huis gebracht. Mijn thuis is een safe house. Mijn kantoor een geblindeerde kamer. En als ik terecht sta, dan is het hier, in een bunker op Schiphol.

Al meer dan elf jaar betaal ik een zware prijs. En ik denk dat u net zo goed als ik weet waarom.
Ik betaal die prijs om dezelfde reden als waarom ik al voor de tweede keer in het beklaagdenbankje sta. Omdat ik kritiek durf te hebben op de islam en het Marokkanenprobleem benoem.

“Vrijheid is de macht die we hebben over onszelf.” Dat zei de grote Nederlandse rechtsgeleerde Hugo de Groot. Zijn standbeeld staat voor de ingang van de Hoge Raad in Den Haag.
Hugo de Groot is het symbool van het Nederlandse recht. Maar ooit stond hij zelf terecht. Hij werd tot levenslang veroordeeld omdat hij aan de kant van Van Oldenbarnevelt streed voor onze Nederlandse vrijheden. Maar hij ontsnapte in een kist en vluchtte naar Antwerpen.

Soms wens ik wel eens dat ik zelf zou kunnen ontsnappen. Maar ik weet dat dit niet kan.
Ik zou er een prijs voor moeten betalen die ik niet wil betalen. Ik zou moeten zwijgen. En dat kan ik niet. Dat wil ik niet. En dat zal ik ook niet. De vrijheid van meningsuiting is de enige vrijheid die ik nog heb. En, vergeeft u mij, die geef ik nooit op.

Hier sta ik dus vandaag opnieuw.
En ik vind het eerlijk gezegd een schande dat ik hier sta.
Miljoenen mensen in binnen- en buitenland vinden dat ook.
Ik verlang van u geen medelijden. Maar nu ik hier toch moet staan tegen mijn zin, verlang ik van u waar ik recht op heb: Een eerlijk proces. Ik vraag een Vrouwe Justitia met een blinddoek.

Maar ik vrees dat ik die niet zal krijgen.
Met de aangiftes, de heer Knoops heeft er al uitgebreid over betoogd, van meer dan de helft van de aangevers die gehoord werden is wat mis. Mensen dachten dat ze geen aangifte deden maar een stem uitbrachten bij verkiezingen. Of ze kenden mijn naam niet eens. Of ze konden niet lezen of herkenden hun eigen handtekening niet. Of ze zeiden zich helemaal niet gediscrimineerd te voelen hoewel dat in hun aangifte staat. Ik hoop dat u nooit van iets ten onrechte wordt beschuldigd. Of ze werden geholpen door moskeeën of PvdA-politici. Of ze kregen te horen van de politie dat die de uitspraken van Wilders ook niet prettig vonden. Of ze kregen van het moskeebestuur te horen dat ze het formulier moesten invullen dat de politie langs kwam brengen.
Meneer de President, leden van de Rechtbank, hier is sprake van misleiding, beïnvloeding, intimidatie, onkunde, ja zelfs zwendel. En dat is ongelooflijk.
En dat de officier net zei dat, ik citeer, “dit niets is om wakker van te liggen” is een gotspe.

Want voor u staat een politicus.
En hij wordt aangeklaagd omdat hij een politieke opinie heeft verkondigd.

Waarom heb ik gesproken over mínder Marokkanen?
Het eerlijke antwoord is omdat ik minder Marokkanen in Nederland wil.
We hebben in Nederland een gigantisch Marokkanenprobleem. Het is mijn taak als democratisch gekozen volksvertegenwoordiger om de problemen in ons land eerlijk te benoemen.
Hoe en waarom ik minder Marokkanen wil bereiken staat nota bene al sinds 2006 bijna letterlijk in het verkiezingsprogramma van de PVV. Wij willen een immigratiestop invoeren voor niet-westerse immigranten, en dus ook voor Marokkanen, vrijwillige remigratie bevorderen, en daar is zelfs een wet voor, en criminelen met een dubbele nationaliteit denaturaliseren en Nederland uitzetten, en ook dat geldt voor Marokkanen. En ik heb dat voor, tijdens en na de gewraakte verkiezingsavond, en ook de week daarvoor op de markt, herhaaldelijk voor verschillende camera’s en microfoons toegelicht.

Ik heb niet gezegd “alle Marokkanen het land uit” of “alle Marokkanen deugen niet” maar wel gesproken over “mínder Marokkanen”. Want dat vind ik, dat wil ik en met mij miljoenen Nederlanders.

Het OM probeert mij nu te pakken maar is selectief aan het shoppen.
Als ik zou hebben gesproken over minder Syriërs dan zou ik hier vandaag niet staan. Of ik zou hier niet alleen staan, maar samen met premier Rutte en bijna alle regeringsleiders van Europa. Want allemaal zetten ze vandaag in op minder Syriërs.

Het OM meet ook met 2 maten. En daar zijn vele voorbeelden van.
Hoe stil was het toen politici van de PvdA eerder spraken over kutmarokkanen (dhr Oudkerk), over het vernederen van Marokkanen (dhr Spekman) en over Marokkaanse jongens die een etnisch monopolie op overlast hebben (dhr Samsom). Waarom zijn zij niet vervolgd?
En hoe stil was het toen een Turks kamerlid (dhr Öztürk) mij vergeleek met een tumor en zei “je moet hem bestrijden” en mij met Hitler vergeleek. Waren er toen burgemeesters die schande spraken en voorop gingen in de stoet om aangifte te doen?
Waar was de persvoorlichter van het OM toen een lokale PvdA voorzitter (dhr Den Hertog) zei dat hij hoopt dat ik sterf aan een hartaanval maar als er dan toch een kogel aan te pas komt dan groot genoeg om er van het dankbare volk op te graveren?
Waar was de verontwaardiging van de Minister-President toen een D66 lid (dhr Mohammed) zei dat hij een kogel door mijn kop zou schieten en mij open zou snijden en aan de varkens zou voeren?
En waarom is de Amsterdamse oud-commissaris van politie, dhr Van Riessen, niet vervolgd toen hij over mij zei, ik citeer: “In wezen zou je de neiging hebben om te zeggen we mollen hem, hij moet gewoon vandaag weg en hij mag niet meer boven tafel komen.” Einde citaat. Waar waren toen de voorgedrukte aangifteformulieren?
Wat een dubbelhartigheid allemaal. Wat een selectieve verontwaardiging.

En wanneer er wel iemand voor de rechter komt, zoals die Marokkaanse rapper die zei, en ik citeer, “die fucking joden haat ik nog meer dan de nazi’s”, einde citaat, dan wordt hij vrijgesproken want dan valt het ineens wel onder de vrijheid van meningsuiting.

Deze dubbele moraal en hypocrisie bij zowel de politiek als het Openbaar Ministerie maken van dit proces een politiek proces. De leider van de grootste oppositiepartij, althans virtueel, die men in het parlement niet aankan moet worden kalltgestellt. Dat is kwalijk en ik hoop dat u zich niet door hen zal laten misbruiken.

Want de problemen waarover ik spreek gaan niet weg door erover te zwijgen.
Zwijgen is geen optie.
Zwijgen is laf.
Zwijgen is verraad.

Als ik als politiek leider van mijn partij, op een verkiezingsavond van mijn partij, niet mag zeggen wat al tien jaar in het verkiezingsprogramma van mijn partij staat, dan is dat de waanzin ten top en dan veroordeelt men mij maar.

Mijn mening verandert daardoor niet. En tot zwijgen brengt men mij evenmin.
Ik ben al meer dan elf jaar mijn vrijheid kwijt en de enige vrijheid die ik nog heb is de vrijheid van meningsuiting. Niemand pakt mij die af.
Maar ik hoop natuurlijk dat u het politieke en maatschappelijke debat het politieke en maatschappelijke debat laat, van deze rechtszaal geen politiek forum maakt, en mij vrijspreekt.

Ik hoorde op 24 augustus vorig jaar in het televisieprogramma Kijken in de Ziel één van uw collega-strafrechters, de heer Hermans, zeggen dat stemmen voor de PVV – ik citeer letterlijk – een “enorme contra-indicatie voor het beroep van rechter” is. Neem me niet kwalijk dat dit mij verontrust.

Nog meer bezorgd word ik omdat ik uitgerekend één van u drieën, mevrouw Van Rens, op 17 augustus vorig jaar bij het televisieprogramma Kijken in de Ziel zag. Mevrouw Van Rens leverde, en dat mag natuurlijk, kritiek op politieke standpunten van mijn partij. Ze zei dat ze tegen minimumstraffen was
en tegen het uit het land zetten van illegalen. Maar ze zei nog meer. Mevrouw Van Rens bekritiseerde ook de nota bene rechterlijke beslissing tijdens mijn vorige proces om de wraking van de rechtbank toe te wijzen. Ze zei dat ze niet begreep dat die wraking door collega rechters werd toegewezen omdat en ik citeer: “het strafrechtelijk geen juiste grond was om de wraking toe te wijzen”.
Meneer de President, leden van de Rechtbank, er is in heel Nederland slechts één rechter geweest die openlijk kritiek heeft geleverd op deze rechterlijke beslissing ten gunste van mij. Slechts één rechter in heel Nederland. En uitgerekend tegenover die rechter sta ik vandaag.

Mevrouw de rechter, ik hoop dat u begrijpt dat ik dit zeg en dat ik er op die manier weinig vertrouwen in heb. Het zou u sieren indien u zich van deze zaak zou verschonen en ik roep u daartoe dan ook met klem op.

Meneer de President, leden van de Rechtbank.
Ik rond af.
Ik meende wat ik zei, ik sprak namens miljoenen Nederlanders, ik neem er niets van terug en ik heb ook geen spijt. Ik heb gezegd wat ik vind en ik zal dat blijven doen. Altijd.
Maar ik haat niemand, ik zaai geen haat en ik verafschuw alles wat met discriminatie te maken heeft.
Dat is de waarheid. Alleen in een dictatuur is het spreken van de waarheid een misdrijf.
En alleen in een dictatuur wordt de mening van miljoenen mensen gecriminaliseerd.

Ik sta hier voor drie rechters, maar over mij en mijn politieke uitspraak horen eigenlijk 17 miljoen Nederlanders te oordelen.

Ik vraag u dus: Laat de vrijheid van meningsuiting zegevieren.
Laat Nederland een vrij land blijven.
Spreek mij vrij.

Dank u zeer.

facebooktwitterinstagrammail

We hebben 2585 gasten

donaties

doneer

Nederland
English