Skip to main content

Plenair debat: Nederlands Stabiliteitsprogramma 2015

Dit debat is een herhaling van zetten. Een maand geleden (11 maart 2015) stonden we hier ook en spraken we ook over de laatste CPB-cijfers, die nu zijn verwoord in het Stabiliteitsprogramma. Het is een 'oude wijn in nieuwe zakken'.

Nu de economie zich lijkt te herstellen, kunnen we de balans opmaken van twee jaar 'Rutte/Samsom'. Door het sprintje naar de 3%, waar de PvdA zo tegen was, zijn we nu 150.000 werklozen en 26.000 faillissementen rijker. In twee jaar tijd werden de belastingen met 13 miljard verhoogd en kromp de economie kwartaal op kwartaal. Wat gaat het kabinet in de komende twee jaar doen om de schade te herstellen en om de koopkracht te herstellen? Wat gaat het kabinet doen aan de 650.000 werklozen? Daarover lezen we niets terug.

Het kabinet heeft de wind in de rug dankzij de lage olieprijs, de lage rente, de lage inflatie en de lage eurokoers. Dat is mooi. Hierdoor slinkt het tekort van 2,3% dit jaar naar 0,7% in 2017. Het IMF verwacht zelfs dat het tekort slinkt naar 0,3% in 2017. Dit is een cadeautje voor het kabinet. Maar wat als de olieprijs volgend jaar weer stijgt tot boven de 100 dollar? Wat als de inflatie weer op 2% staat? Wat als de eurokoers weer normaliseert? Wat als de rente weer stijgt? Hoe zou onze economie er dan bij staan? Waarom is dat niet doorgerekend in de gevoeligheidsanalyse in het Stabiliteitsprogramma? Ik lees daar niets over.

Door de lage inflatie en de lage olieprijs trekt de consumptie eindelijk ook weer iets aan: 1,5% tot 1,7% in 2016. Na jaren van krimp, na jaren waarin mensen hebben moeten inleveren, is er weer een klein beetje koopkracht. Maar wat schetst mijn verbazing: de consumptie valt weer stil in 2017. Het is 0,1% in 2017 en 0,1% in 2018. Hoe kan dat? Hoe is dat te verklaren? Krijgen we als consument dan twee jaar een klein plusje van 1,5% om daarna weer op nul te staan? Ik krijg graag een verklaring voor dit fenomeen.

Opvallend is ook dat de werkloosheid nauwelijks afneemt: 650.000 mensen blijven verstoken van een baan. Ik vraag aan de minister van Economische Zaken: wat heeft die 1,2 miljard aan sectorplannen eigenlijk opgeleverd? 1,2 miljard, en ik zie geen enkele baan. Ja, een baan voor mevrouw Sterk, maar dat is dan ook de enige baan.

De Raad van State concludeert dat Nederland voldoet aan de begrotingsafspraken in het SGP. Het structureel overheidssaldo voldoet aan de middellange termijn doelstelling. Tegelijkertijd ziet de Raad van State geen ruimte voor extra bestedingen, terwijl de minister de meevaller van bijna 5 miljard ten opzichte van de startnota juist wilde gebruiken als smeerolie voor de belastingverlaging. De minister zal toch niet weer met de hoed in de hand naar Brussel gaan om te bedelen voor een uitzondering (structurele hervormingsclausule), terwijl Frankrijk zich niets aantrekt van alle regels en gewoon doet waar het zin in heeft en doet wat goed is voor zijn economie? Waarom zou het structurele saldo dan afwijken van de MTO? Wij hoeven immers in de preventieve arm niet te voldoen aan de MTO. De Raad van State schrijft dat er zicht moet zijn op een verbetering van het structurele saldo richting MTO. Er is dus ruimte. Daarom vraag ik de minister om niet als braafste jongetje van de klas te opereren -- ik snap dat dit moeilijk is als je voorzitter van de eurogroep bent -- maar gewoon een keer rebels te zijn en te doen wat goed is voor Nederland.

Tot slot ga ik in op de garanties. Hiervoor geldt een "nee, tenzij"-beleid. Nederland staat voor 153 miljard garant voor andere landen. Driekwart van onze totale garanties is bedoeld voor andere landen, voor probleemlanden. Wij staan voor 85 miljard garant voor Europese noodfondsen, voor 47 miljard voor het IMF, voor 10 miljard voor de Europese Investeringsbank en voor 4 miljard voor de Wereldbank. Nederland is dus overgeleverd aan de grillen en de bereidheid van de desbetreffende landen om deze garanties in te lossen. Ik wijs in dit verband op Griekenland. De kans dat wij de 18 miljard terugkrijgen, wordt met de dag kleiner. Voor de PVV is het dan ook onbegrijpelijk dat Nederland hiermee doorgaat en instemt met een Europees investeringsfonds van 16 miljard. Onze minister-president heeft in China toegezegd mee te doen aan een Aziatisch investeringsfonds waarmee de infrastructuur in China moet worden aangelegd. Alsof China een gebrek heeft aan middelen. Ik dacht dat wij een "nee, tenzij"-beleid voerden. De minister moet dat maar eens uitleggen. Hoe kan het dat Nederland in zo grote mate garant staat voor die fondsen? Hoeveel risico en hoeveel garantie nemen wij daarmee extra op onze schouders?